Vivaldi Renaissance
Zo’n twee eeuwen lang echode zijn naam slechts in kleine kring rond. En de meeste musicologen die hem wel kenden, vonden het allemaal niets bijzonders. Maar in de jaren dertig van de vorige eeuw gaf een Amerikaans echtpaar – schrijver Ezra Pound en violiste Olga Rudge – Antonio Vivaldi een nieuw leven. Zij benadrukten dat hij niet slechts één van de talloze Italiaanse barokcomponisten was. Het tweetal struinde Europa af naar manuscripten, maakte catalogi en organiseerde in september 1939 het eerste Vivaldi-festival in Siena.
Na de oorlog bleek er geen weg terug. Uitgever Ricordi in Milaan begon partituren te publiceren. Hij gaf De Vier Jaargetijden terug aan de wereld. De Amerikaanse musicoloog H.C. Robbins Landon schrijft erover in zijn Vivaldi-biografie. ‘In 1950, liep ik toevallig in de Liberty Music Shop in New York, toen daar de befaamde Cetra-opname van De Vier Jaargetijden arriveerde. De winkelier zette de plaat op. De aanwezigen, ikzelf ook, stopten met hun bezigheden, begonnen te luisteren en lieten zich betoveren door de verleidelijke muziek, die tweehonderd jaar lang vergeten in een bibliotheek had gelegen. De Vivaldi-renaissance was begonnen.’
Tegenwoordig zitten de noten van het stuk zo in onze hoofden gebeiteld dat het moeilijk is om er met nieuwe oren naar te luisteren. Iedereen kiest zijn favoriet uit de grote hoeveelheid opnamen. De aantrekkingskracht van de stukken is dat ze een verhaal vertellen: Vivaldi verklankte vier sonnetten, die hij vermoedelijk zelf schreef. De luisteraar kan regel voor regel horen hoe Vivaldi’s woorden in noten vertaalde.